15787_fullimage_01doc-adam-havenmeeste01GROOTDe Havenmeester op de kop van Haveneiland Oost.

Schepen die vanaf het IJsselmeer de haven invaren, gaan recht op het markante gebouw af. Door het blok vanaf de tweede verdieping op te splitsen in zes torens is het een licht en luchtig gebouw geworden.

De opzet van het gebouw is helder: een parkeerkelder over de volle oppervlakte, een begane grond met naast de ingangen van de woningen ook een fitnesscentrum, een café-restaurant en kleine bedrijfsruimten in de huursector. De eerste verdieping biedt plaats aan 48 starterswoningen, gelegen aan de lange gevels. In het midden bevinden zich bergingen.

Op deze basis staan zes torens die ten opzichte van elkaar verschoven zijn, waardoor er drie aan de havenzijde liggen en drie aan de straatzijde. De torens tellen twee appartementen per verdieping, waardoor alle woningen zowel zicht op het water hebben als een goede oriëntatie op de zon.

Alle woningen vanaf de derde verdieping hebben een serre als buitenruimte die soms de volle breedte beslaat en soms, vooral aan de havenzijde, smaller en dieper zijn. De woningen op de tweede verdieping hebben een dakterras op de onderbouw.

Op de bovenste verdiepingen van de drie torens aan de havenzijde, die iets hoger zijn, bevinden zich in plaats van zes appartementen drie riante penthouses met twee dakterrassen.

Staalskelet met luchtstraten

De starterswoningen worden ontsloten door een inpandige gang, de appartementen in de torens door 3,4 meter brede luchtstraten die de torens onderling verbinden. Aan de uiteinden van deze luchtstraten zijn de trappenhuizen, die uitsteken ten opzichte van de torens.

Hiernaast zijn twee opvallende rode betonnen torentjes geplaatst. Hier zijn de liften en leidingschachten te vinden en door kleine glasopeningen in de liftschacht ontstaat een lichtspel met de onder de liften opgehangen lamp. Aan het rode beton is ijzerslijpsel toegevoegd waardoor in de loop der tijd een patroon van roestvorming ontstaat.

De betonnen luchtstraten zijn letterlijk de ruggengraat van het complex, ze verbinden de torens met elkaar en ontsluiten de woningen. Ze zijn opgehangen in een roestrood staalskelet en hebben een secundair grijsblauw raster van de glazen balustrade, schuivende panelen en de beglazing van het trappenhuis.

Aan de kant van de woningen zitten in de luchtstraten behalve terrassen ook gaten met roosters. Hierdoor ontstaat afstand tot de voorgevels en valt meer daglicht op de luchtstraat en in de woningen.

Op de tweede verdieping, dus onderaan de torens, is een houten looppad met brede betonnen zitelementen, die tevens de basis vormen voor het staalskelet van de luchtstraten. Het dak tussen de torens is gedeeltelijk betegeld en gedeeltelijk begroeid.

[/fusion_text]